• Voor een vrij en beweeglijk lichaam
  • Voor fysieke pijnklachten en ongemakken
  • Bij acute én chronische klachten
  • Sinds 2014
  • Meer dan 23.000 behandelingen
Ervaring die verder kijkt dan het symptoom

De ligging van een baby in de buik en de invloed op houding en ontwikkeling na de geboorte. Ligt je baby vaak in dezelfde houding, kijkt je baby steeds naar dezelfde kant of lijkt bewegen soms wat moeite te kosten? De ligging die een baby in de buik heeft gehad, kan hier soms een rol in spelen.

Tijdens de zwangerschap groeit een baby in de baarmoeder in een relatief beperkte ruimte. Naarmate de zwangerschap vordert neemt deze ruimte geleidelijk af en past het kindje zich voortdurend aan aan de vorm van de baarmoeder en de positie van het lichaam van de moeder.

De ligging die een baby in de buik aanneemt gebeurt meestal niet toevallig. Een baby kiest een positie die past bij de ruimte en de mogelijkheden die op dat moment aanwezig zijn.

In veel gevallen past het lichaam van een baby zich na de geboorte vanzelf weer aan. Soms kan een langdurige ligging in de buik echter leiden tot een verminderde bewegingsvrijheid in bepaalde delen van het lichaam, waardoor bewegen of liggen na de geboorte wat lastiger kan gaan.

Ligging en ruimte in de baarmoeder

In de baarmoeder beweegt een baby voortdurend. Toch kan het voorkomen dat een kindje langere tijd in een vergelijkbare ligging ligt. Dit heeft vaak te maken met de ruimte en omstandigheden in de buik van de moeder.

De positie van de baby kan onder andere worden beïnvloed door de ligging van de placenta, de positie van de navelstreng en de kracht en beweeglijkheid van het kindje zelf.

Daarnaast spelen ook de omstandigheden in het lichaam van de moeder een belangrijke rol. De baarmoeder hangt namelijk niet los in de buik, maar is via verschillende banden en bindweefselstructuren verbonden met het bekken, de rug en de buikorganen.

Wanneer de beweeglijkheid van deze structuren beperkt is, kan dit invloed hebben op de positie en bewegingsvrijheid van de baarmoeder.

Soms kunnen deze beperkingen in de bewegingsvrijheid ontstaan door eerdere operaties, ontstekingen of verklevingen in de buik van de moeder. Deze veranderingen in het weefsel kunnen een soort rem vormen op het vrij meebewegen en uitrekken van de baarmoeder tijdens de zwangerschap. Wanneer de baarmoeder hierdoor minder vrij kan bewegen of bijvoorbeeld wat kantelt, zal de baby zich aanpassen aan de beschikbare ruimte.

Ook veranderingen in de houding en beweging van het lichaam van de moeder kunnen hierin een rol spelen. Wanneer het bekken, de onderrug of de lichaamshouding zich moeten aanpassen aan bepaalde beperkingen in het lichaam, kan dit invloed hebben op de positie van de baarmoeder. Het kindje past zich vervolgens aan deze situatie aan en kiest de ligging die op dat moment het meest comfortabel of mogelijk is.

Soms ligt een baby bijvoorbeeld met het hoofd naar beneden, maar het kan ook voorkomen dat een kindje met de billen naar beneden ligt (stuitligging) of dwars in de baarmoeder ligt. Ook deze liggingen kunnen samenhangen met de ruimte en bewegingsmogelijkheden die op dat moment aanwezig zijn.

Tijdens de zwangerschap vormen het lichaam van de moeder en het lichaam van het kindje samen één geheel. De omstandigheden waarin een baby zich ontwikkelt – zoals ruimte, beweging en beweeglijkheid van de verschillende structuren – kunnen invloed hebben op hoe het lichaam zich verder ontwikkelt en uitrijpt.

In de praktijk zien we dat deze omstandigheden vaak ook gepaard gaan met lichamelijke klachten bij de moeder zelf, zoals bekkenklachten, rugpijn of een gespannen gevoel in de buik.

Wanneer een baby langere tijd in een vergelijkbare ligging ligt, kan dit ertoe leiden dat bepaalde structuren van het lichaam na de geboorte wat minder vrij kunnen bewegen.

Wat ouders vaak bij hun baby zien

Wanneer een baby na de geboorte nog beperkingen in het lichaam ervaart, kan dit op verschillende manieren zichtbaar worden.

Sommige baby’s draaien hun hoofdje bijvoorbeeld steeds naar dezelfde kant. Andere baby’s liggen vaak in een licht gebogen houding, soms beschreven als een zogenaamde banaanhouding.

Ook kan het voorkomen dat een baby moeite heeft om comfortabel op de buik of op de rug te liggen. Door een langdurige voorkeurshouding kan in sommige gevallen ook een lichte afplatting van het hoofdje ontstaan.

Later in de ontwikkeling kan dit soms zichtbaar worden in de manier waarop een kindje beweegt. Zo kan een baby moeite hebben met omrollen of bepaalde bewegingsfasen korter doorlopen. Sommige kinderen tijgeren bijvoorbeeld nauwelijks maar gaan relatief snel op handen en knieën kruipen. Andere kinderen ontwikkelen een alternatieve manier van voortbewegen, zoals billenschuiven.

Dit betekent niet dat er direct iets mis is met de ontwikkeling van een kindje. Het kan echter wel een signaal zijn dat het lichaam ergens minder vrij kan bewegen.

Het belang van de ontwikkelingsfasen

De verschillende bewegingsfasen in de eerste levensperiode spelen een belangrijke rol in de verdere ontwikkeling en rijping van het lichaam als geheel. Door te rollen, tijgeren, kruipen en bewegen ontdekt een kindje stap voor stap zijn lichaam en de mogelijkheden van bewegen.

Tijdens deze fases kiest een kindje steeds nieuwe manieren van bewegen en verplaatsen. Deze bewegingen helpen het lichaam om sterker, stabieler en beter gecoördineerd te worden. Tegelijkertijd dragen deze fasen bij aan de verdere rijping van spieren, gewrichten en het zenuwstelsel.

De bewegingen die een kindje maakt stimuleren ook de verdere ontwikkeling van de hersenen. Deze rijping van de hersenen is belangrijk voor onder andere coördinatie, denken, leren, communicatie en zowel verbale als non-verbale uitingen.

Ook het hart en de longen ontwikkelen zich verder in deze periode. Naarmate een kindje groeit en beweegt moet het lichaam steeds beter in staat zijn om het groter wordende lichaam van voldoende bloed en zuurstof te voorzien.

Daarnaast worden ook de organen in de buik gestimuleerd in hun ontwikkeling. Door beweging en veranderingen in houding worden onder andere de spijsvertering, opname van voedingsstoffen en uitscheiding ondersteund. Deze processen vormen een belangrijke basis voor de verdere ontwikkeling van het lichaam en spelen later ook een rol in hormonale processen en andere belangrijke lichaamsfuncties.

Al deze processen dragen uiteindelijk bij aan het steeds beter functioneren van het lichaam als geheel. Stap voor stap ontwikkelt een kindje zich zo richting meer zelfstandigheid en een lichaam dat steeds beter kan functioneren binnen de omgeving waarin het opgroeit.

Beweeglijkheid, beweging en ontwikkeling

Beweeglijkheid van het lichaam en beweging van een kindje beïnvloeden elkaar voortdurend. Wanneer het lichaam vrij kan bewegen, krijgt een kindje vanzelf meer mogelijkheden om te rollen, draaien, kruipen en ontdekken. Door deze bewegingen ontwikkelt het lichaam zich vervolgens weer verder.

Wanneer er ergens in het lichaam een verminderde beweeglijkheid aanwezig is, kan dit invloed hebben op de manier waarop een kindje beweegt. Hierdoor kan een kindje bepaalde bewegingen minder gemakkelijk uitvoeren of een andere manier van bewegen kiezen.

De fysieke en mentale ontwikkeling van een kindje staan daarbij niet los van elkaar. Beweging, ontwikkeling van het lichaam en ontwikkeling van de hersenen beïnvloeden elkaar voortdurend en ontwikkelen zich samen.

Het lichaam van een baby ontwikkelt zich door bewegen, en bewegen wordt mogelijk door beweeglijkheid van het lichaam.

Wanneer de beweeglijkheid van het lichaam wordt verbeterd, zien we vaak dat een kindje ook meer mogelijkheden krijgt om te bewegen, te ontdekken en zich verder te ontwikkelen.

De osteopathische benadering

Binnen de osteopathie kijken we naar de beweeglijkheid en samenwerking van het lichaam als geheel. Bij baby’s onderzoeken we onder andere de beweeglijkheid van de schedel, de nek, de wervelkolom, het bekken en de buikorganen.

Wanneer bepaalde structuren minder vrij kunnen bewegen, kan dit invloed hebben op hoe een baby beweegt, ligt of drinkt.

Met zachte manuele technieken proberen we de bewegingsvrijheid van het lichaam te verbeteren. Het doel van de behandeling is om het lichaam weer meer ruimte te geven om te bewegen, zodat het kindje zich zo natuurlijk mogelijk kan ontwikkelen.

Waar vindt u ons?

Axis Osteopathie heeft twee vestigingen: in Assen (Drenthe) en in Gorredijk (Friesland). Door deze twee locaties zijn wij voor een groot deel van Drenthe en Zuidoost-Friesland goed bereikbaar.

De praktijk in Assen is onder andere gemakkelijk te bereiken vanuit Vries, Tynaarlo, Zuidlaren, Annen, Gieten, Borger, Rolde, Appelscha, Smilde, Hooghalen en Beilen.

De praktijk in Gorredijk ligt centraal voor mensen uit Jubbega, Donkerbroek, Oosterwolde, Oldeberkoop, Heerenveen, Drachten en Beetsterzwaag.

Twijfel je?

Twijfel je of osteopathie iets voor je baby kan betekenen? Neem gerust contact met ons op. We denken graag met je mee en kijken samen wat jouw kindje nodig heeft.

Contact

U kunt Axis telefonisch bereiken, via WhatsApp en SMS of vul het contactformulier in.

Axis Osteopathie Assen

Tel: 06 36 03 00 25 (Centraal Nummer)

Googlemaps

Lauwers 9
9405 BL Assen

Maak online uw afspraak

Axis Osteopathie Gorredijk

Tel: 06 36 03 00 25 (Centraal Nummer)

Googlemaps

Jodocus Heeringastraat 2
8401 DC Gorredijk

Maak online uw afspraak

Hieronder leest u de ervaringen van onze patiënten. Wilt u zelf ook een review delen? Klik op de Google Review-knop en vertel ons uw ervaring!

Wij zijn verhuisd!

Ons nieuwe adres is:
Lauwers 9
Kantorencomplex OF-US Assen
2e verdieping

1
Axis Osteopathie
Welkom bij Axis Osteopathie. Waar kunnen we u mee helpen?
21:14